ECLI:NL:CRVB:2010:BM1283
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid College en beleidsregels verstrekking fiets met hulpmotor Wvg
Appellante kreeg op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg) een fiets met hulpmotor in bruikleen van het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam. Later besloot de gemeenteraad dat deze fiets niet meer op grond van de Wvg verstrekt zou worden en dat bestaande bruikleenfietsen eigendom van cliënten werden. Het College trok daarop de bruikleenovereenkomst in, verstrekte de fiets in eigendom en gaf een eenmalige financiële tegemoetkoming.
Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante eveneens ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat het College niet bevoegd was de beleidsregels te wijzigen en dat het besluit in strijd was met de beleidsregels die voorschrijven dat voorzieningen in natura in bruikleen moeten worden verstrekt.
De Raad oordeelde dat alleen het College bevoegd is beleidsregels vast te stellen, in te trekken en te wijzigen en dat het besluit van de gemeenteraad geen wijziging bracht in de Beleidsregels van het College. Het College handelde in strijd met artikel 4:84 van Pro de Algemene wet bestuursrecht door niet overeenkomstig de Beleidsregels te handelen. Het besluit van het College om de fiets in eigendom te verstrekken en de bruikleenovereenkomst te beëindigen werd vernietigd en het College werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van het College om de fiets met hulpmotor in eigendom te verstrekken en de bruikleenovereenkomst te beëindigen is vernietigd en het College is veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.