ECLI:NL:CRVB:2010:BM2006
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toekenning loongerelateerde WGA-uitkering ondanks betwisting psychische beperkingen
Appellant stelde in hoger beroep dat hij op 19 juni 2007 verdergaand beperkt was dan het UWV had vastgesteld, met name door psychische klachten en beperkingen in zitten, staan, lopen en tillen. Hij verwees naar diverse medische brieven van psychologen, psychiaters en een neurochirurg.
De Raad overwoog dat het medisch onderzoek door het UWV zorgvuldig was uitgevoerd en dat de bezwaren van appellant onvoldoende met objectiveerbare medische feiten waren onderbouwd. De rapportages van de bezwaarverzekeringsarts gaven geen aanleiding om de beperkingen verdergaand te achten dan vastgesteld.
De Raad achtte de Functionele Mogelijkheden Lijst van 22 oktober 2007 een juiste weergave van de beperkingen en vond geen grond om beperkingen op het gebied van persoonlijk en sociaal functioneren op te nemen. Ook de stelling dat appellant verdergaand beperkt was in zitten, staan, lopen en tillen werd niet bevestigd door medisch bewijs.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vaststelling van 49,8% arbeidsongeschiktheid per 19 juni 2007 wordt bevestigd.