ECLI:NL:CRVB:2010:BM2087
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K. Zeilemaker
- J.Th. Wolleswinkel
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering onverschuldigde bezoldiging van leraar bij stichting voortgezet onderwijs
Appellant, sinds 1984 docent lichamelijke opvoeding, ontving in maart 2006 een nabetaling van salaris over de periode vanaf augustus 2003. De stichting stelde later vast dat appellant ten onrechte was ingeschaald in een hogere salarisschaal (LD, salarisnummer 16) in plaats van de juiste schaal (LC, salarisnummer 12, salarisnummer 4). Hierdoor was sprake van onverschuldigde betaling over de periode augustus 2003 tot 1 januari 2006.
De stichting heeft bij besluit de aanstelling en bezoldiging gecorrigeerd en is overgegaan tot terugvordering van het onverschuldigd betaalde bedrag door inhouding van 10% van het netto maandsalaris. Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel.
De Raad overwoog dat op grond van artikel 6.7, tweede lid, van de CAO VO de werkgever bevoegd is onverschuldigde betalingen terug te vorderen via inhouding, mits het redelijkerwijs duidelijk was voor de werknemer dat de betaling onverschuldigd was. De Raad vond dat appellant dit inmiddels inzag en dat de inhouding daarom rechtmatig was. Er waren geen bijzondere omstandigheden die inhouding in redelijkheid zouden verhinderen.
De Raad wees het beroep af en bevestigde het bestreden besluit, waarmee de terugvordering van het onverschuldigd betaalde salaris door de stichting is bekrachtigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van onverschuldigde bezoldiging door inhouding op het salaris.