ECLI:NL:CRVB:2010:BM2585
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Geen belanghebbende mantelzorger bij indicatiebesluit AWBZ, bezwaar niet-ontvankelijk
Betrokkene maakte bezwaar tegen het indicatiebesluit van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) waarin zijn echtgenote werd geïndiceerd voor zorg. Hij verzocht om in het indicatiebesluit te worden opgenomen als mantelzorger. CIZ verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat het ontbreken van een mantelzorgcompliment geen onderdeel is van het indicatiebesluit.
De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond en vernietigde het besluit, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak. De Raad stelt vast dat betrokkene op eigen naam bezwaar heeft gemaakt en geen belanghebbende is bij het indicatiebesluit, omdat zijn belang pas aan de orde is bij het besluit van de Sociale verzekeringsbank (Svb) over het mantelzorgcompliment.
De Raad benadrukt dat de registratie van mantelzorg in het indicatiebesluit slechts een onderdeel is van de indicatiestelling en dat het toekennen van het mantelzorgcompliment een afzonderlijke taak is van de Svb. Het bezwaar van betrokkene tegen het indicatiebesluit is daarom niet-ontvankelijk. De Raad vernietigt het besluit van 14 december 2007 en verklaart het beroep van betrokkene gegrond.
Uitkomst: Het bezwaar van betrokkene tegen het indicatiebesluit wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat hij geen belanghebbende is.