ECLI:NL:CRVB:2010:BM3131
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking WAO-uitkering wegens onzorgvuldige medische beoordeling
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering met ingang van 6 juni 2005 in te trekken, omdat zij sinds begin 2005 een toename van artroseklachten aan handen, polsen en ellebogen ervoer. Deze klachten waren niet betrokken bij de arbeidsongeschiktheidsbeoordeling die ten grondslag lag aan het intrekkingsbesluit.
De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarbij werd aangenomen dat de medische situatie niet verder was verslechterd ten opzichte van de eerdere beoordeling. De Centrale Raad van Beroep oordeelde echter dat het UWV geen adequaat verzekeringsgeneeskundig onderzoek had verricht naar de nieuwe klachten en dat het besluit daarom onzorgvuldig was voorbereid en niet deugdelijk gemotiveerd.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat het UWV een nieuwe beslissing op bezwaar moet nemen, waarbij de toegenomen klachten in de beoordeling moeten worden betrokken. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering per 6 juni 2005 wordt vernietigd wegens onzorgvuldige medische beoordeling en het UWV moet een nieuwe beslissing nemen.