ECLI:NL:CRVB:2010:BM3702
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.G. Treffers
- K. Zeilemaker
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Terugvordering onterecht betaald wachtgeld en uitkeringen wegens onjuiste inkomensopgave
Appellant, voormalig ambtenaar bij het ministerie van VROM, ontving wachtgeld, een WAO-uitkering en een invaliditeitspensioen. Na herberekening bleek dat hij in de periode juli 1999 tot en met maart 2002 en later over een langere periode teveel uitkeringen had ontvangen. De minister vorderde deze bedragen terug op grond van onjuiste inkomensopgave.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de terugvordering van het grootste bedrag ongegrond, maar vernietigde de terugvordering over een kleiner bedrag. De minister stelde dit bedrag later opnieuw vast. Appellant stelde dat de belastingdienst nog over zijn inkomsten zou procederen en dat het frauderapport niet als bewijs mocht dienen.
De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende bewijs leverde dat de door de belastingdienst gehanteerde bedragen onjuist waren. Het frauderapport was deugdelijk en mocht worden gebruikt. Appellant had nagelaten zijn inkomsten correct op te geven en had daarmee bijgedragen aan de onverschuldigde betalingen. De minister mocht daarom over vijf jaren terugvorderen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant tegen de terugvordering van teveel betaalde uitkeringen wordt ongegrond verklaard en de terugvordering bevestigd.