ECLI:NL:CRVB:2010:BM4651
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting op AOW-pensioen wegens niet verzekerde jaren ondanks betwisting woon- en werkperiode
Appellant heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Sociale verzekeringsbank (Svb) waarbij hem vanaf juli 2007 een AOW-pensioen is toegekend met een korting van 68% wegens 34 niet verzekerde jaren. Hij stelde dat hij in de periode van 1975 tot en met 26 augustus 1987 in Nederland heeft gewoond en gewerkt en daardoor recht had op volledige AOW.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde het besluit van de Svb. In hoger beroep heeft appellant deze stelling niet nader onderbouwd. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft de overwegingen van de rechtbank en voegt toe dat appellant geen bewijs heeft geleverd van zijn verblijf en werk in Nederland gedurende de betwiste periode.
Gelet op het ontbreken van voldoende onderbouwing slaagt het hoger beroep niet en wordt de aangevallen uitspraak bevestigd. De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door M.M. van der Kade en uitgesproken in het openbaar op 12 mei 2010.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de korting op het AOW-pensioen wordt bevestigd.