ECLI:NL:CRVB:2010:BM5934
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag WAJONG-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellante verzocht het UWV terug te komen op het besluit van 9 januari 2004 waarin geen WAJONG-uitkering werd toegekend omdat zij niet als jonggehandicapte werd aangemerkt. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit van 11 juni 2008 ongegrond, omdat de nieuwe medische diagnose van hypermobiliteitssyndroom geen nieuw feit opleverde zoals bedoeld in artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat de door appellante overgelegde brief van een klinisch geneticus weliswaar een diagnose stelde, maar geen wezenlijk andere gegevens bevatte over haar medische situatie dan bij de eerste aanvraag bekend waren. Het UWV was bevoegd de herhaalde aanvraag af te wijzen en had dit in redelijkheid gedaan.
Het hoger beroep bracht geen nieuwe inzichten en de Raad volgde het oordeel van de rechtbank. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het UWV om niet terug te komen op de eerdere afwijzing van de WAJONG-uitkering wordt bevestigd.