ECLI:NL:CRVB:2010:BM5995
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Onontvankelijkverklaring bezwaar tegen voornemen beëindiging vergoeding begeleiding vakantie WUBO
Appellante, erkend als burger-oorlogsslachtoffer op grond van de WUBO, ontving jaarlijks een vergoeding voor begeleiding tijdens vakantie. Na een vervolgaanvraag in december 2008 kende verweerster een vergoeding toe voor 2009, met de mededeling dat deze vergoeding daarna niet meer zou worden verleend. Appellante maakte bezwaar tegen deze stopzetting, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het besluit een voornemen betrof.
In beroep stelde appellante dat haar gezondheidssituatie ongewijzigd was en dat zij niet zonder begeleiding kon reizen. De Raad overwoog dat het voornemen geen besluit was in de zin van artikel 1:3 Awb Pro en dat de vergoeding op jaarbasis wordt toegekend, waarbij jaarlijks een nieuwe aanvraag moet worden ingediend. Tegen het besluit op die aanvraag kunnen rechtsmiddelen worden ingezet.
De Raad bevestigde dat het bestreden besluit niet in rechte kan standhouden als besluit en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend op grond van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het bestreden besluit een voornemen is en het bezwaar niet ontvankelijk is.