ECLI:NL:CRVB:2010:BM6165
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- H.C.P. Venema
- P. Ingelse
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar tegen schadevergoeding zorgverzekeringspremie
Appellant, woonachtig in Portugal en ontvanger van een WAO-uitkering, stelde schade te lijden door het niet adequaat reageren van het College voor Zorgverzekeringen (Cvz) op zijn mededeling dat hij het aanmeldingsformulier niet kon invullen vanwege zijn geslachtsregistratie. Hij sloot daarom een particuliere ziektekostenverzekering af en vorderde vergoeding van de premie.
Cvz weigerde de vergoeding en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank vernietigde dit besluit, maar stelde dat het nalaten van Cvz geen besluit vormde waartegen bezwaar mogelijk was. De Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De Raad oordeelt dat de door appellant gestelde schadeoorzaak een feitelijk handelen van Cvz betreft en geen bestuursrechtelijk besluit in de zin van de Awb. Hierdoor is het bezwaar niet ontvankelijk en kan appellant zich richten tot de burgerlijke rechter. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant tegen het niet vergoeden van de kosten van de particuliere ziektekostenverzekering is niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep wordt afgewezen.