ECLI:NL:CRVB:2010:BM6343
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.F. Bandringa
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen mededeling arbeidsinschakelingsverplichtingen
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen een schrijven van 9 mei 2008 waarin het College van burgemeester en wethouders van Gouda haar herinnerde aan de verplichtingen tot arbeidsinschakeling zoals opgenomen in artikel 9, eerste lid, van de Wet werk en bijstand (WWB). Het College verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat de mededeling geen besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is en ook niet kan worden aangemerkt als een ambtshalve weigering om ontheffing te verlenen.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze niet-ontvankelijkverklaring ongegrond. Appellante stelde in hoger beroep dat de mededeling wel rechtsgevolg had indien het eerdere besluit van 9 oktober 2006 zou worden herroepen. De Raad oordeelde echter dat de mededeling slechts een herinnering was aan bestaande verplichtingen en niet op enig rechtsgevolg was gericht. Daarom kon het niet worden aangemerkt als een besluit.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee blijft de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de mededeling van arbeidsinschakelingsverplichtingen in stand.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de mededeling van arbeidsinschakelingsverplichtingen wordt niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep wordt afgewezen.