ECLI:NL:CRVB:2010:BM8603
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- R.H.M. Roelofs
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering woonkostentoeslag met terugwerkende kracht
Appellante verzocht om bijzondere bijstand in de vorm van een woonkostentoeslag met terugwerkende kracht vanaf 22 september 2005. Het College wees deze aanvraag af omdat appellante niet gelijktijdig met haar aanvraag om algemene bijstand ook een aanvraag om woonkostentoeslag had ingediend en er geen aanvraag vóór mei 2006 was ingediend.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep voerde appellante aan dat bijzondere omstandigheden toekenning met terugwerkende kracht rechtvaardigden. De Raad overwoog dat volgens artikel 43 en Pro 44 WWB bijstand op schriftelijke aanvraag wordt toegekend en in beginsel niet met terugwerkende kracht, tenzij bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen.
De Raad vond geen bewijs dat appellante tijdig een aanvraag voor woonkostentoeslag had ingediend en oordeelde dat het feit dat algemene bijstand met terugwerkende kracht was toegekend geen bijzondere omstandigheid vormt. Ook andere aangevoerde omstandigheden waren onvoldoende. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de bestreden uitspraak bevestigd.
De Raad zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 15 juni 2010.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van woonkostentoeslag met terugwerkende kracht vanaf 22 september 2005.