ECLI:NL:CRVB:2010:BN2295
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- M. Greebe
- J.J.T. van den Corput
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om geen WIA-uitkering toe te kennen, omdat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% zou zijn. Zij stelde dat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig was en dat haar beperkingen waren onderschat. Het UWV liet een bezwaararbeidsdeskundige een rapport opstellen, die concludeerde dat de mate van arbeidsongeschiktheid inderdaad onder de 35% bleef.
Gezien het niet eenduidige medische beeld liet de Raad zich adviseren door een onafhankelijke orthopedisch chirurg, die concludeerde dat de belastbaarheid van appellante was onderschat, maar dat twee van de drie geselecteerde functies geschikt waren. De bezwaararbeidsdeskundige bevestigde dit oordeel na herbeoordeling.
De Raad oordeelde dat het deskundigenonderzoek zorgvuldig was en dat er onvoldoende aanwijzingen waren dat de psychische beperkingen ten tijde van de beoordeling waren onderschat. De Raad volgde het oordeel van de deskundige en de bezwaararbeidsdeskundige en bevestigde het besluit van het UWV dat appellante geen recht heeft op een WIA-uitkering omdat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedraagt.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante geen recht heeft op een WIA-uitkering omdat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedraagt.