ECLI:NL:CRVB:2010:BN2404
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- M. Greebe
- J.J.T. van den Corput
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV wegens strijd met oude Schattingsbesluit bij WAO-uitkering
Appellante, voormalig medewerkster bij een rozenkwekerij, werd sinds 2001 wegens lichamelijke klachten ziekgemeld en ontving een WAO-uitkering. Het UWV trok deze uitkering in 2006 en 2007 in op grond van een beoordeling dat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 15% bedroeg, gebaseerd op een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) en een arbeidskundige schatting.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarbij zij de medische en arbeidskundige onderbouwing van het UWV onderschreef. In hoger beroep betwist appellante de juistheid van deze onderbouwing en voert zij aan dat haar beperkingen onvoldoende zijn meegewogen.
De Raad oordeelt dat de medische gegevens geen aanwijzingen bevatten dat de beperkingen van appellante zijn overschat. Wel stelt de Raad vast dat de arbeidskundige schatting niet voldoet aan het oude Schattingsbesluit, omdat de resterende functies slechts 28 arbeidsplaatsen vertegenwoordigen in plaats van de vereiste 30. Dit leidt tot vernietiging van het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, met de opdracht aan het UWV om een nieuw besluit op bezwaar te nemen.
Daarnaast krijgt appellante een proceskostenvergoeding van € 966,- toegekend en wordt het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het besluit van het UWV tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV dient een nieuw besluit op bezwaar te nemen.