ECLI:NL:CRVB:2010:BN2558
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet-betaling griffierecht in hoger beroep AOW
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam inzake een AOW-zaken. De Raad heeft het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was betaald. Appellante heeft hiertegen verzet aangetekend, stellende dat het griffierecht vanuit Nederland was overgemaakt, maar zij heeft dit niet met bewijsstukken onderbouwd.
Tijdens de zitting ter behandeling van het verzet zijn partijen niet verschenen. De Raad overweegt dat het griffierecht niet is betaald en dat appellante niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij niet in verzuim was. Daarom wordt het verzet ongegrond verklaard. De Raad ziet geen aanleiding om appellante te veroordelen in de kosten van het verzet.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 22 juli 2010. De beslissing bevestigt de niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep wegens niet-naleving van de griffierechtverplichting.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.