ECLI:NL:CRVB:2010:BN2564
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.F. Bandringa
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens niet aannemelijk gemaakte lening en overschrijding bijstandsnorm
Appellante heeft een bijstandsaanvraag ingediend die door het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam is afgewezen wegens schending van de inlichtingenplicht en het niet kunnen vaststellen van het recht op bijstand.
De Raad overwoog dat de periode van beoordeling liep van 22 juni 2007 tot en met 23 juli 2007. Appellante ontving gelden van een derde, de heer S., waarvan onduidelijk was of deze gelden als lening of als giften moesten worden beschouwd. Appellante stelde dat het om een lening ging, maar zij had dit niet gemeld in het inlichtingenformulier en tijdens een huisbezoek verklaarde zij dat zij bedragen ontving zonder schuldvermelding.
De door appellante overgelegde verklaringen van de heer S. waren summier, tegenstrijdig en onvoldoende om een daadwerkelijke terugbetalingsverplichting aannemelijk te maken. Ook kon niet worden vastgesteld dat de gelden als giften konden worden aangemerkt die buiten de middelen moesten blijven. Het College hanteerde het beleid dat giften alleen buiten de middelen worden gelaten indien deze niet leiden tot een bestedingsniveau boven de bijstandsnorm.
De ontvangen bedragen overschreden de bijstandsnorm, zodat appellante niet in de omstandigheden verkeerde die recht geven op bijstand. De Raad bevestigde daarom het besluit van het College en de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag van appellante wordt afgewezen omdat de ontvangen gelden als middelen worden aangemerkt en de bijstandsnorm wordt overschreden.