ECLI:NL:CRVB:2010:BN2777
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening van uitspraak inzake intrekking AWW-pensioen
Verzoekster heeft een verzoek tot herziening ingediend tegen de uitspraak van 19 februari 2009 waarin de intrekking van haar AWW-pensioen werd bevestigd. Zij stelde dat de intrekking gebaseerd was op een niet bestaand huwelijk en dat de Sociale verzekeringsbank (Svb) geen huwelijksakte van de betreffende datum bezat.
De Raad overwoog dat het rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is voor een hernieuwde discussie over de juistheid van de uitspraak, noch voor het aanvoeren van nieuwe argumenten zonder nieuwe feiten of omstandigheden. De Raad constateerde dat de vermeende fout in het oorspronkelijke besluit een kennelijke verschrijving betrof die bij bezwaar was hersteld.
Verder oordeelde de Raad dat er geen sprake was van kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht door verzoekster en wees het verzoek om veroordeling in proceskosten af. Het verzoek om herziening werd daarom afgewezen omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak inzake intrekking van het AWW-pensioen wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.