ECLI:NL:CRVB:2010:BN2988
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep tegen weigering terugkeer publieke bestel eigen risicodrager
De zaak betreft een geschil tussen een werkgever en het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) over de terugkeer van de werkgever naar het publieke bestel als eigen risicodrager voor de WAO. De werknemer viel uit wegens ziekte en kreeg een WAO-uitkering toegekend. De werkgever werd per 1 juli 2004 eigen risicodrager en kreeg bij besluit te horen dat hij de WAO-uitkering van de werknemer moest betalen.
De werkgever verzocht om met terugwerkende kracht per 1 juli 2004 terug te keren naar het publieke bestel, maar het Uwv wees dit verzoek af. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk voor zover het gericht was tegen dit deelbesluit, omdat het niet als een besluit op bezwaar werd gezien maar als een eerste besluit. De rechtbank oordeelde dat het Uwv in bezwaar moet heroverwegen of terugkeer mogelijk is.
In hoger beroep stelde het Uwv dat er geen wettelijke regeling bestaat voor terugkeer buiten bezwaar om. De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank dat een verzoek tot terugkeer als een verzoek om terug te komen van het toestemmingsbesluit moet worden gezien en dat bezwaar openstaat tegen een beslissing op een dergelijk verzoek binnen een bezwaarprocedure tegen een toerekenings- of verhaalsbesluit.
De Raad verklaarde het hoger beroep ongegrond, bevestigde de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep voor zover het tegen het terugkeerbesluit was gericht, en veroordeelde het Uwv tot vergoeding van de proceskosten van de werkgever in hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk voor zover het gericht is tegen het besluit om de werkgever niet toe te laten tot het publieke bestel per 1 juli 2004.