ECLI:NL:CRVB:2010:BN7963
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang bij dagloonkwestie in WAO-uitkering
Appellant ontving een WAO-uitkering waarvan de mate van arbeidsongeschiktheid meerdere keren werd herzien door het UWV. Na een herbeoordeling stelde het UWV de arbeidsongeschiktheid vast op een hogere mate dan aanvankelijk toegekend. Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, met name over de vaststelling van het dagloon.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het bezwaar over het dagloon buiten de omvang van het geding viel. Appellant stelde in hoger beroep dat het UWV ten onrechte zijn bezwaarschrift als beroepschrift had behandeld en dat de rechtbank onjuist had geoordeeld over het dagloon.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het dagloon voor het laatst was vastgesteld in 2002 en dat de latere besluiten geen beslissingen over het dagloon bevatten. Hierdoor kon appellant het gewenste resultaat met betrekking tot het dagloon niet bereiken via het hoger beroep. Het principiële belang van appellant was onvoldoende voor procesbelang. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang bij de dagloongrond.