ECLI:NL:CRVB:2010:BN8825
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.J.A. Kooijman
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit geen terugwerkende bijstand wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellant heeft bijstand aangevraagd met ingang van 17 december 2007, terwijl hij zich pas op 18 februari 2008 bij het Centrum voor werk en inkomen heeft gemeld. Het College van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen kende de bijstand toe met ingang van 18 februari 2008, zonder terugwerkende kracht, omdat geen bijzondere omstandigheden waren vastgesteld.
Appellant voerde aan dat psychische problemen hem verhinderd hadden eerder een aanvraag in te dienen. De Raad beoordeelde dit standpunt aan de hand van medische gegevens, waaronder een brief van de behandelend psychiater en een voortgangsrapportage. Hieruit bleek dat appellant weliswaar een depressieve en persoonlijkheidsstoornis had, maar dat deze niet aannemelijk maakte dat hij vóór 18 februari 2008 niet in staat was een aanvraag te doen.
De Raad concludeerde dat appellant in de periode voorafgaand aan de aanvraag regelmatig boodschappen deed, solliciteerde en met de trein reisde, wat wijst op voldoende handelingsbekwaamheid. Daarom zijn er geen bijzondere omstandigheden die terugwerkende bijstand rechtvaardigen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bijstand wordt niet met terugwerkende kracht toegekend.