ECLI:NL:CRVB:2010:BO0362
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- C.P.J. Goorden
- B.W.N. de Waard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens ontbreken toename arbeidsongeschiktheid
Appellante ontving een WAO-uitkering vanwege psychische en rugklachten, welke het UWV per 30 oktober 2002 introk wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Na een bezwaarprocedure handhaafde het UWV dit besluit omdat er geen medische aanwijzingen waren voor een toename van haar beperkingen vanaf 1 januari 2006.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat een arbeidskundige beoordeling achterwege kon blijven bij afwezigheid van toegenomen medische beperkingen. Appellante stelde in hoger beroep dat haar lichamelijke en psychische klachten waren verslechterd en verwees naar diverse medische rapporten en onderzoeken.
De Raad onderschreef de rechtbankuitspraak en achtte het medische oordeel van het UWV juist en voldoende gemotiveerd. De Raad vond geen reden om het oordeel te herzien, ook niet vanwege de aangevoerde medische rapporten en klachten. Volgens vaste jurisprudentie is bij het ontbreken van toename van beperkingen een arbeidskundige beoordeling niet noodzakelijk.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde derhalve het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, waarmee het hoger beroep van appellante werd afgewezen.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd wegens het ontbreken van toename van arbeidsongeschiktheid.