ECLI:NL:CRVB:2010:BO0476
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting zonder dringende reden
Appellant had bijstand ontvangen over meerdere perioden, waarvan het College de uitbetaling heeft ingetrokken en de kosten heeft teruggevorderd omdat appellant niet had gemeld dat hij gedurende deze perioden, met uitzondering van juni 2004, gedetineerd was. Het bezwaar van appellant tegen deze terugvordering werd door het College ongegrond verklaard en de rechtbank verklaarde het beroep daarop eveneens ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat er dringende redenen waren om van terugvordering af te zien, onder meer vanwege zijn schizofrenie en een voorlichtingsrapport van de reclassering. De Raad overwoog dat het College conform haar beleidsregel heeft gehandeld, waarbij alleen bij onaanvaardbare gevolgen voor de gezondheid van de betrokkene van terugvordering kan worden afgezien.
De Raad concludeerde dat de door appellant aangevoerde omstandigheden geen dringende redenen opleveren en bevestigde daarom de eerdere uitspraak. Er werden geen bijzondere omstandigheden gevonden om van de beleidsregel af te wijken. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van bijstand wegens schending van de inlichtingenverplichting zonder dringende reden.