ECLI:NL:CRVB:2010:BO2010
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag brommobiel als vervoersvoorziening wegens adequaatheid en rijvaardigheid
Appellant, met ernstige spasticiteit en dystonie, vroeg een brommobiel aan als vervoersvoorziening. Het College wees dit af en kende een combinatie toe van een taxikostenvergoeding en een scootmobiel met schootskleed, omdat dit medisch adequaat en goedkoper was.
De rechtbank en de Raad stelden vast dat appellant een beperkte loopafstand heeft en dat een brommobiel vanwege zijn beperkte fijne motoriek en schadeverleden geen adequate voorziening is. De medische adviezen en verklaringen van de neuroloog en huisarts ondersteunen het gebruik van een scootmobiel en taxi als passend alternatief.
Appellant voerde aan dat kou zijn aandoeningen verergert en dat alleen een gesloten buitenwagen, zoals een brommobiel, volstaat. De Raad vond echter dat appellant zich tegen kou kan beschermen met kleding en een schootskleed en dat de medische verklaringen dit niet uitsluiten.
Ook was er twijfel over de rijvaardigheid van appellant met een brommobiel, mede door een omvangrijke schadehistorie en onvoldoende rijproefresultaten. De Raad oordeelde dat het College terecht twijfelde aan de rijvaardigheid en dat de toegekende voorzieningen voldoen aan de compensatieplicht.
Het hoger beroep werd afgewezen en de proceskostenveroordeling van appellant werd geweigerd wegens het ontbreken van kennelijk onredelijk procesgebruik.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de brommobielaanvraag bevestigd.