ECLI:NL:CRVB:2010:BO2862
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet-naleving inlichtingenplicht
Appellante ontvangt sinds 1984 bijstand als alleenstaande ouder. Naar aanleiding van vermoedens over een gezamenlijke huishouding met een derde is een onderzoek ingesteld, waarbij waarnemingen, dossieronderzoek en huisbezoek plaatsvonden. Appellante ontkende aanvankelijk dat anderen dan haar kinderen bij haar verbleven, maar na confrontatie met waarnemingen gaf zij toe dat een man sinds een week bij haar verbleef.
Het College heeft daarop de bijstand met ingang van 29 oktober 2007 ingetrokken en de kosten over die periode teruggevorderd. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep bevestigt de Raad dat appellante de wettelijke inlichtingenplicht niet is nagekomen, waardoor het recht op bijstand niet langer kan worden vastgesteld.
De Raad oordeelt dat het College bevoegd was de bijstand in te trekken en terug te vorderen, en dat het College conform het terugvorderingsbeleid heeft gehandeld. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens niet-naleving van de inlichtingenplicht worden bevestigd.