ECLI:NL:CRVB:2010:BO3781
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- R.C. Stam
- B. Barentsen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellant is op 22 februari 2006 arbeidsongeschikt geraakt en heeft een WIA-uitkering aangevraagd. Het UWV heeft bij besluit van 21 januari 2008 vastgesteld dat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt is, waardoor geen recht op uitkering bestaat. Dit besluit is na bezwaar door het UWV gehandhaafd. De rechtbank heeft het beroep van appellant ongegrond verklaard.
In hoger beroep betoogt appellant dat de formule voor de WIA-beoordeling onwettig is en dat de uitspraak niet door dezelfde rechter in het openbaar is uitgesproken die de zaak behandelde. De Raad overweegt dat de Awb toestaat dat een andere rechter de uitspraak in het openbaar uitspreekt dan degene die de zaak behandelde. De Raad onderschrijft het gebruik van het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS) als een rechtens aanvaardbare methode voor arbeidsongeschiktheidsbeoordeling.
Verder oordeelt de Raad dat appellant geen belang heeft bij het aanvoeren van een hoger opleidingsniveau, omdat dit de mate van arbeidsongeschiktheid niet beïnvloedt. Appellant heeft ook geen medische of arbeidskundige gronden aangedragen die de schatting zouden kunnen wijzigen. De Raad bevestigt daarom de aangevallen uitspraak en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering omdat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt is.