ECLI:NL:CRVB:2010:BO4331
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- R. Kooper
- W.F. Claessens
- Rechtspraak.nl
Vermindering bijstandsuitkering wegens onvoldoende medewerking aan arbeidsinschakeling
Appellanten ontvingen bijstand en werden verplicht deel te nemen aan een traject sociale activering gericht op arbeidsinschakeling. Zij meldden zich echter onder meer met een blikje bier bij de Stichting Actief en weigerden deel te nemen aan het traject vanwege het ontbreken van een financiële vergoeding.
Het College verlaagde daarop de bijstandsuitkering met 100% voor twee perioden, waarbij de tweede verlaging werd verdubbeld wegens recidive. De rechtbank verklaarde de beroepen tegen deze besluiten ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat het College terecht de bijstand heeft verlaagd omdat appellant zijn verplichtingen niet is nagekomen en verwijtbaar heeft gehandeld. Echter heeft het College onzorgvuldig gehandeld door geen gemotiveerde toepassing te geven aan artikel 7, tweede lid, van de Afstemmingsverordening, wat strijd oplevert met het zorgvuldigheidsbeginsel.
De Raad vernietigt daarom de besluiten van 30 januari 2007 en 20 maart 2007 en beveelt het College nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens veroordeelt de Raad het College in de proceskosten van appellanten.
Uitkomst: De besluiten tot verlaging van de bijstand worden vernietigd wegens strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel en het College wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen.