ECLI:NL:CRVB:2010:BO8871

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
20 december 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10-498 AOW-V
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55 AwbArt. 21 Beroepswet
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet gegrond wegens verschoonbare overschrijding hogerberoepstermijn in AOW-uitkering

Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam inzake een AOW-uitkering, maar het hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening. Appellante deed hiertegen verzet. Tijdens de zitting op 29 november 2010, waar zij werd bijgestaan door haar echtgenoot, was de Sociale Verzekeringsbank niet aanwezig.

De Raad overwoog dat de overschrijding van de hogerberoepstermijn niet zonder meer onverschoonbaar was. Gezien de medische omstandigheden van appellante, zoals toegelicht in haar brieven en tijdens de zitting, gaf de Raad haar het voordeel van de twijfel en achtte de overschrijding verschoonbaar. Hierdoor werd het verzet gegrond verklaard en verviel de eerdere niet-ontvankelijkheidsverklaring.

De zaak werd terugverwezen voor voortzetting van het onderzoek in de oorspronkelijke stand. Tevens werd de Sociale Verzekeringsbank veroordeeld in de reiskosten van appellante voor het verzet, vastgesteld op € 52,44.

Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep is gegrond verklaard en de zaak wordt voortgezet.

Uitspraak

10/498 AOW-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:
[appellante], wonende te [woonplaats] (België), (hierna: appellante),
tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 4 december 2009, 08/4632 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellante
en
de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank (hierna: Svb)
Datum uitspraak: 20 december 2010
I. PROCESVERLOOP
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Bij brieven van 30 [lees: 28] februari 2010 en 24 mei 2010 heeft appellante enkele door de Raad gestelde vragen beantwoord.
Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet van 16 juni 2010 heeft de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Tegen de uitspraak van de Raad van 16 juni 2010 heeft appellante verzet gedaan.
Het verzet is behandeld ter zitting van 29 november 2010. Appellante is verschenen, bijgestaan door haar echtgenoot [naam echtgenoot appellante]. De Svb is, met voorafgaand bericht, niet verschenen.
II. OVERWEGINGEN
De uitspraak van de Raad van 16 juni 2010 berust op de overwegingen dat het hogerberoepschrift niet tijdig is ingediend, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest.
Mede gelet op hetgeen appellante en haar echtgenoot ter zitting hebben verklaard, ziet de Raad in de medische situatie van appellante zoals geschetst in haar in rubriek I vermelde brieven - thans - aanleiding appellante het voordeel van de twijfel te geven en de overschrijding van de hogerberoepstermijn verschoonbaar te achten.
In die omstandigheden dient het verzet gegrond te worden verklaard.
Dit betekent dat de uitspraak van de Raad van 16 juni 2010 vervalt en dat het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.
Appellante heeft verzocht om een veroordeling in de kosten van het verzet. De Raad ziet aanleiding dit verzoek in te willigen voor zover het gaat om de reiskosten, in dit geval begroot op € 52,44.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Verklaart het verzet gegrond;
Veroordeelt de Svb in de kosten van het verzet van appellante tot een bedrag van € 52,44.
Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons, in tegenwoordigheid van D.W.M. Kaldenhoven als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 21 december 2010.
(get.) T.G.M. Simons.
(get.) D.W.M. Kaldenhoven.
NK