ECLI:NL:CRVB:2010:BO9699
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- C.W.J. Schoor
- N.J.E.G. Cremers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing Wajong-uitkering wegens minder dan 25% arbeidsongeschiktheid per 1993
Appellant vroeg op 22 juni 2007 een Wajong-uitkering aan wegens arbeidsongeschiktheid die zou zijn ontstaan op 18 september 1993. Het UWV wees de aanvraag af omdat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt werd geacht per 16 september 1994. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en de geschiktheid van de voorgehouden functies adequaat was gemotiveerd.
In hoger beroep stelde appellant dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was omdat onvoldoende rekening was gehouden met zijn psychische problematiek en dat een psychiatrisch onderzoek had moeten plaatsvinden. De Centrale Raad van Beroep overwoog dat de aanvraag beoordeeld moet worden aan de hand van de destijds geldende Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) en niet de Wajong, omdat de arbeidsongeschiktheid dateert uit 1993.
De Raad concludeerde dat het UWV het medisch dossier zorgvuldig had beoordeeld, inclusief beperkingen in het persoonlijk en sociaal functioneren. De bezwaren van appellant werden onvoldoende onderbouwd geacht. Ook achtte de Raad de drie voorgehouden functies passend en aannemelijk dat appellant deze kon uitoefenen, waardoor zijn arbeidsongeschiktheid minder dan 25% bedroeg. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad bevestigt dat appellant geen Wajong-uitkering krijgt omdat hij minder dan 25% arbeidsongeschikt was per 18 september 1993.