ECLI:NL:CRVB:2011:BP2346
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.C. Bruning
- K.J. Kraan
- W.H. Bel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering intrekking eervol ontslag ondanks nieuwe ziekte diagnose
Appellant verzocht in 2004 om eervol ontslag met stimuleringspremie, dat werd toegekend per 1 januari 2005. In 2005 werd bij appellant non-Hodgkin lymfoom vastgesteld, waarna hij in 2006 verzocht het ontslagbesluit in te trekken wegens dit nieuwe feit. De staatssecretaris wees dit verzoek af, wat door appellant werd aangevochten bij de rechtbank en vervolgens in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat appellant het ontslagbesluit niet tijdig heeft aangevochten en dat het verzoek tot intrekking moet worden beoordeeld als een verzoek om terug te komen op een onherroepelijk besluit. De diagnose non-Hodgkin lymfoom werd erkend als nieuw feit, maar de Raad vond dat de staatssecretaris redelijk heeft gehandeld door het ontslagbesluit niet te herroepen. Er was geen sprake van dwaling die voor rekening van de staatssecretaris moest komen, noch van onaanvaardbare druk bij het ontslagverzoek.
Daarnaast werd het besluit tot beëindiging van de doorbetaling van bezoldiging per 18 oktober 2005 bevestigd. De Raad vond dat het advies van de bedrijfsarts, gebaseerd op medische rapporten, voldoende was om te concluderen dat appellant vanaf die datum weer arbeidsgeschikt was. Het beroep van appellant op een ander medisch advies kon dit niet weerleggen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee de eerdere uitspraken van de rechtbank en de staatssecretaris, en wees het hoger beroep van appellant af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot weigering intrekking eervol ontslag wordt bevestigd.