ECLI:NL:CRVB:2011:BP3373
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-uitkering wegens onvoldoende bewijs arbeidsongeschiktheid op 17-jarige leeftijd
Appellant vroeg een Wajong-uitkering aan op grond van arbeidsongeschiktheid die zou zijn begonnen op of rond zijn 17de verjaardag. Het UWV stelde de eerste arbeidsongeschiktheidsdag vast op 31 december 1996, de datum van ziekmelding bij zijn werkgever Vedior. De rechtbank en de Raad zagen geen reden om deze vaststelling te betwisten, mede vanwege het ontbreken van medische gegevens die een eerdere arbeidsongeschiktheid ondersteunen.
Appellant voerde aan dat de door hem ingediende informatie van psycholoog Smit doorslaggevend moest zijn en dat het UWV onvoldoende onderzoek had gedaan naar zijn situatie op zijn 17de en 18de verjaardag. De Raad oordeelde dat deze informatie onvoldoende aanknopingspunten bevatte en dat het UWV adequaat had gehandeld. De Raad benadrukte dat de aanvraag pas ruim 20 jaar na de vermeende eerste arbeidsongeschiktheidsdag was ingediend, waardoor het nadeel van het ontbreken van medische gegevens voor rekening van appellant komt.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank dat appellant niet voldeed aan de voorwaarden voor een Wajong-uitkering. Tevens wees de Raad een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De aanvraag voor een Wajong-uitkering wordt afgewezen omdat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij op zijn 17de verjaardag arbeidsongeschikt was.