ECLI:NL:CRVB:2011:BP3500
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- R. Kooper
- J.L.P.G. van Thiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van uitkeringsregeling conform FPU-regeling bij beëindiging ambtelijk dienstverband
Appellant, voormalig ambtenaar bij de politieregio Brabant-Noord, sloot een vaststellingsovereenkomst waarin hij vanaf 1 januari 2007 een uitkering ontvangt gelijk aan zijn FPU-uitkering (70%). Er ontstond discussie over de hoogte van deze uitkering, waarbij appellant een vast netto bedrag van €2.177,74 per maand vorderde.
De korpsbeheerder wees dit verzoek af, stellende dat het om een bruto-uitkering gaat gebaseerd op 70% van het brutoloon, met inhoudingen volgens de geldende wet- en regelgeving, en dat het genoemde netto bedrag slechts een rekenvoorbeeld was. De Raad oordeelde dat appellant op grond van de toelichting van de korpschef had kunnen begrijpen dat geen nettogarantie werd gegeven.
De Raad maakte onderscheid tussen het verleden en de toekomst bij de toetsing van het verzoek om terug te komen op eerdere besluiten. Voor het verleden ontbraken nieuwe feiten die herziening rechtvaardigen, en voor de toekomst was de uitleg van de vaststellingsovereenkomst duidelijk. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.