ECLI:NL:CRVB:2008:BD2813
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- J.Th. Wolleswinkel
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag en geen uitbetaling vakantie-uren ondanks arbeidsbeperkingen
Appellante, werkzaam als systeembeheerder bij een gemeente, sloot een overeenkomst voor beëindiging van haar dienstverband met een outplacementtraject en ontslag op andere gronden per 1 februari 2004. Door schouderklachten werd zij arbeidsongeschikt verklaard, waardoor het outplacementtraject werd gestaakt en het ontslag werd opgeschort.
Na herstelverklaring per 13 juli 2005 verleende het college eervol ontslag per 7 oktober 2005. Appellante stelde dat het ontslag niet mocht plaatsvinden vanwege voortgaande arbeidsbeperkingen en dat zij recht had op uitbetaling van vakantie-uren over de verlengde periode.
De Raad oordeelde dat de arbeidsongeschiktheid in de overeenkomst betrekking heeft op het vermogen om het outplacementtraject te volgen en niet op de oude functie. De WAO-uitkering is niet gelijk te stellen aan arbeidsongeschiktheid in de zin van de overeenkomst. Het college mocht het ontslag toepassen omdat appellante volgens de bedrijfsarts geschikt was om het traject te vervolgen.
Verder werd geoordeeld dat tijdens de outplacementperiode geen vakantie-uren worden opgebouwd, ook niet tijdens verlengde arbeidsongeschiktheid. De bepaling in de overeenkomst dat alleen vakantiedagen tot 1 maart 2003 worden uitbetaald, blijft van toepassing.
Het hoger beroep werd afgewezen en de bestreden uitspraken van de rechtbank werden bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het eervol ontslag en wijst het hoger beroep af.