ECLI:NL:CRVB:2011:BP4343
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na medisch en arbeidskundig onderzoek
Appellante maakte bezwaar tegen de herziening van haar WAO-uitkering, waarbij haar arbeidsongeschiktheid werd teruggebracht van 80-100% naar 15-25%. De rechtbank had het beroep van appellante gegrond verklaard vanwege onvoldoende arbeidskundige motivering, maar de medische grondslag werd juist geacht.
In hoger beroep voerde appellante aan dat haar medische situatie, met name de klauwstand van haar linkerhand, onvoldoende was onderzocht en dat zij niet in staat was om de voorgestelde functies uit te oefenen. De Raad benoemde een onafhankelijke zenuwarts als deskundige, die geen objectieve ziekte of stoornis vond die de beperkingen kon verklaren en bevestigde de belastbaarheid zoals vastgesteld door de verzekeringsarts.
De Raad verwierp het verweer van appellante dat het deskundigenonderzoek niet zorgvuldig was verlopen en oordeelde dat het rapport consistent, zorgvuldig en goed gemotiveerd was. Er was geen aanleiding om af te wijken van het deskundigenoordeel. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering en wijst het hoger beroep af.