ECLI:NL:CRVB:2011:BP4637
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- H.J. de Mooij
- M.I. ’t Hooft
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak voorzieningenrechter wegens onbevoegdheid in bodemzaak
Appellanten hebben bezwaar gemaakt tegen indicatiebesluiten van Stichting Bureau Jeugdzorg Noord-Brabant (Bjz) en een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. De voorzieningenrechter verklaarde de beroepen niet-ontvankelijk en wees het verzoek af op grond van artikel 8:86, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De Centrale Raad van Beroep stelt vast dat er tijdens de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening geen beroep was ingesteld, waardoor de voorzieningenrechter niet bevoegd was om in de bodemzaak uitspraak te doen. Daarom wordt de aangevallen uitspraak vernietigd voor zover deze is aangevochten.
Bovendien heeft Bjz toegezegd binnen vier weken een hoorzitting te beleggen om appellanten te horen over hun bezwaren en daarna zo spoedig mogelijk te beslissen. De Raad veroordeelt Bjz in de proceskosten van appellanten en bepaalt dat Bjz het betaalde griffierecht vergoedt.
Uitkomst: De aangevallen uitspraak van de voorzieningenrechter wordt vernietigd wegens onbevoegdheid en Bjz wordt veroordeeld in de proceskosten.