ECLI:NL:CRVB:2011:BP4854
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op ziekengeld wegens geschiktheid voor eigen arbeid als afdelingsassistente
Appellante was werkzaam als afdelingsassistente in een ziekenhuis en meldde zich ziek na haar zwangerschapsverlof vanwege klachten aan hoofd, rechterarm en schouder. Het UWV kende haar ziekengeld toe, maar verklaarde dit per 6 oktober 2008 stop te zetten op basis van een medisch oordeel dat zij geschikt was voor haar eigen arbeid.
Appellante maakte bezwaar en voerde aan dat zij door langdurige schouderklachten en whiplash na een ongeval niet in staat was haar werk te verrichten. De bezwaarverzekeringsarts concludeerde echter dat de klachten apecifiek en niet belastend waren voor haar functie. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en stelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze conclusie. De Raad oordeelde dat de functie van afdelingsassistente terecht als maatstaf is genomen en dat de medische rapportages voldoende inzichtelijk en gemotiveerd waren om te concluderen dat appellante geschikt is voor haar arbeid. Zonder nieuwe medische gegevens was er geen reden het eerdere oordeel te wijzigen.
Uitkomst: Geen recht meer op ziekengeld omdat appellante geschikt wordt geacht haar eigen arbeid als afdelingsassistente te verrichten.