ECLI:NL:CRVB:2011:BP4871
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens geschiktheid voor geduide functies conform WIA-beoordeling
Appellant, laatstelijk werkzaam als medewerker buitendienst, meldde zich ziek in september 2005 en ontving een Ziektewetuitkering. Na afloop van de wachttijd in september 2007 werd hem een WIA-uitkering geweigerd omdat hij geschikt werd geacht voor bepaalde functies op basis van een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
In oktober 2008 werd appellant opnieuw medisch beoordeeld en geschikt bevonden voor de geduide functies. Het UWV beëindigde daarop de Ziektewetuitkering per 27 oktober 2008. Appellant maakte bezwaar en ging in beroep tegen dit besluit, stellende dat zijn klachten ernstiger waren dan erkend.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de medische beoordeling zorgvuldig was en dat appellant belastbaar was voor ten minste één van de functies. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad stelde vast dat de medische rapportages voldoende onderbouwd waren en dat de nieuwe medische informatie geen aanleiding gaf tot een ander oordeel.
De Raad concludeerde dat het UWV terecht de Ziektewetuitkering heeft beëindigd en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De Ziektewetuitkering van appellant is terecht beëindigd per 27 oktober 2008 wegens geschiktheid voor geduide functies.