ECLI:NL:CRVB:2011:BP5169
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing WAZ-uitkering wegens onvolledige aanvraag en verwijtbaarheid
Appellant diende op 17 oktober 2008 een aanvraag in voor een WAZ-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid sinds 3 augustus 1987, veroorzaakt door een aanslag op zijn persoon. Het UWV vroeg om aanvullende medische en financiële gegevens, waaronder jaarstukken en belastingaangiften over 1987, of bewijs van minimaal 38 uur per week werkzaam zijn in het eigen bedrijf. Appellant leverde slechts medische nota's en enkele andere documenten, maar geen financiële stukken. De belastingdienst verklaarde de stukken uit 1987 vernietigd te hebben.
Het UWV stelde de aanvraag daarom buiten behandeling op grond van artikel 4:5 Awb Pro wegens onvolledigheid. Het bezwaar van appellant werd ongegrond verklaard door het UWV en bevestigd door de rechtbank, die oordeelde dat het ontbreken van financiële gegevens voor risico van appellant kwam. In hoger beroep voerde appellant aan dat medische gegevens doorslaggevend zijn en dat winstcijfers niet relevant zijn.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV terecht financiële gegevens nodig achtte voor een goede beoordeling en dat appellant verwijtbaar tekort was geschoten in het verstrekken daarvan. Van een ondernemer mag worden verwacht dat hij financiële administratie bewaart. Het feit dat de belastingdienst de stukken vernietigde en appellant zelf de gegevens niet kon achterhalen, komt voor zijn risico. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de afwijzing van de aanvraag.
Uitkomst: De aanvraag om een WAZ-uitkering is terecht buiten behandeling gesteld wegens het ontbreken van noodzakelijke financiële gegevens en verwijtbaarheid van appellant.