ECLI:NL:CRVB:2011:BP5962
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- O.L.H.W.I. Korte
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting bij schoonmaakwerk
Betrokkene ontving sinds 2001 bijstand, maar werd onderzocht nadat een tip binnenkwam over zwart werk als schoonmaakster. De sociale recherche stelde vast dat betrokkene werkzaamheden verrichtte zonder dit te melden, wat leidde tot intrekking en terugvordering van bijstand over de periode 2001-2007.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, omdat het bestuursorgaan onvoldoende duidelijkheid had verkregen over de omvang van het werk en de verdiensten. De Raad stelt echter dat het bestuursorgaan terecht tot intrekking overging, omdat betrokkene niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij recht had op bijstand bij correcte naleving van de inlichtingenplicht.
De Raad oordeelt dat de onderzoeksbevindingen en verklaringen onvoldoende zijn om een fictief inkomen vast te stellen en dat betrokkene zelf ontkende inkomsten te hebben ontvangen. Hierdoor is het recht op bijstand niet met zekerheid vast te stellen. De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover deze de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit niet in stand liet en bevestigt het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand wordt bevestigd en de uitspraak van de rechtbank vernietigd voor zover deze de rechtsgevolgen niet in stand liet.