ECLI:NL:CRVB:2011:BP6131
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering tweevoudige kinderbijslag wegens niet-uitwonende status op peildatum
Appellant vorderde tweevoudige kinderbijslag voor zijn dochter met ingang van het vierde kwartaal van 2008, stellende dat zij uitwonend was en elders onderwijs volgde. De Sociale verzekeringsbank (Svb) stelde dat op de peildatum 1 oktober 2008 de dochter nog thuis woonde, waardoor enkelvoudige kinderbijslag van toepassing was.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde het standpunt van de Svb. Appellant stelde in hoger beroep dezelfde vordering zonder aanvullende bewijsstukken.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant onvoldoende bewijs had geleverd dat de dochter op de peildatum uitwonend was. De Raad sloot zich aan bij de overwegingen van de rechtbank en bevestigde het bestreden besluit. Tevens wees de Raad een verzoek tot vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot toekenning van enkelvoudige kinderbijslag wordt bevestigd.