ECLI:NL:CRVB:2011:BP8463
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering, berekend op 80-100% arbeidsongeschiktheid, met ingang van 14 april 2008 in te trekken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit vanwege strijd met artikel 7:9 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, maar handhaafde de rechtsgevolgen van het besluit. De rechtbank oordeelde dat de psychische beperkingen zoals aangegeven door de psychiater J. Groenendijk niet afwijken van de functionele mogelijkhedenlijst en dat de bevindingen van de bezwaarverzekeringsarts en psychiater Groenendijk standhouden, ondanks een tegenrapportage van psychiater R.W. Jesserun.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt over onvoldoende erkenning van psychische belastbaarheid, maar bracht geen nieuwe feiten aan. De Centrale Raad van Beroep onderschreef de overwegingen van de rechtbank en bevestigde de uitspraak, waarmee het hoger beroep werd afgewezen.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat de arbeidsongeschiktheid minder dan 15% is vastgesteld.