ECLI:NL:CRVB:2011:BP9441
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- J.F. Bandringa
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over afwijzing bijstandsaanvraag wegens schending inlichtingenverplichting
Betrokkene verzocht om bijstand naar de norm voor een alleenstaande vanaf 1 oktober 2006, nadat hij de echtelijke woning had verlaten. Appellant, het College van burgemeester en wethouders van Maastricht, wees de aanvraag af omdat betrokkene niet op het opgegeven adres zou wonen en niet voldeed aan zijn inlichtingenverplichting, met name het niet overleggen van bankafschriften.
De rechtbank vernietigde het besluit wegens schending van artikel 7:11 Awb Pro en beval een volledige heroverweging. In hoger beroep stelde de Raad vast dat appellant het bezwaar slechts in getrapte vorm had behandeld, wat strijdig is met de Awb. Hoewel betrokkene uiteindelijk de gevraagde bankafschriften overlegde, was het besluit op bezwaar nog steeds niet adequaat herzien.
De Raad besloot het besluit van 5 augustus 2008 alsnog inhoudelijk te betrekken en oordeelde dat het besluit op bezwaar ook inhoudelijk voor vernietiging in aanmerking komt. De Raad draagt appellant op binnen zes weken het besluit op bezwaar te herstellen met inachtneming van deze uitspraak, waarmee de finale geschilbeslechting wordt bevorderd.
Uitkomst: Appellant wordt opgedragen het besluit op bezwaar binnen zes weken te herstellen met inachtneming van de uitspraak.