ECLI:NL:CRVB:2011:BP9814
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- R. Kooper
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek terugkomen van onherroepelijk besluit over werktijdvermindering werknemer universiteit
Appellant, sinds 1983 in dienst van de Rijksuniversiteit Groningen, kampte door een aangeboren handicap met verminderde arbeidsmogelijkheden. In 2007 werd overeengekomen dat zijn werktijd zou worden teruggebracht van 100% naar 80%, met behoud van salarisniveau en functieprofiel. Appellant werkte vanaf 1 juni 2007 feitelijk volgens deze regeling en zijn salaris werd daarop aangepast.
In juli 2008 maakte appellant bezwaar tegen deze regeling, dat door het college werd aangemerkt als een verzoek om terug te komen op het reeds genomen en onherroepelijke besluit. Dit verzoek werd afgewezen omdat appellant geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden had aangevoerd die een heroverweging konden rechtvaardigen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad oordeelde dat de brief van 11 januari 2007 en de brief van 22 mei 2007 geen besluiten waren, maar voorstellen en overeenkomsten die uiteindelijk leidden tot een onherroepelijk besluit. Appellant had redelijkerwijs eerder bezwaar moeten maken. Zijn stellingen over dwang en misbruik van omstandigheden werden verworpen, mede omdat hij juridisch was bijgestaan en voldoende was gewaarschuwd voor de gevolgen van de overeenkomst.
De Raad concludeerde dat het verzoek om terug te komen op het besluit terecht was afgewezen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om terug te komen op het onherroepelijke besluit over werktijdvermindering wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.