ECLI:NL:CRVB:2011:BQ0341
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond verklaard wegens niet tijdige betaling griffierecht in hoger beroep WWB
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Groningen inzake een WWB-zaak, maar betaalde het vereiste griffierecht niet binnen de gestelde termijn. De Raad verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en appellant deed verzet tegen deze beslissing.
De Raad overwoog dat appellant weliswaar de mogelijkheid had gekregen om bijzondere bijstand voor de griffiekosten aan te vragen, maar dit pas na de gestelde termijn deed. Hierdoor liep appellant het risico dat het College niet tijdig op zijn aanvraag kon beslissen, wat voor zijn rekening kwam.
Appellant had ook de Raad tijdig moeten informeren over het uitblijven van een beslissing door het College, wat niet gebeurde. De Raad vond geen reden om het verzuim appellant niet toe te rekenen en verklaarde het verzet ongegrond.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter J.C.F. Talman en griffier J. de Jong op 29 maart 2011.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.