ECLI:NL:CRVB:2011:BQ2337
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond wegens niet-ontvankelijkheid bij overschrijding bezwaartermijn Wubo en Wuv
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen afwijzende besluiten van de Pensioen- en Uitkeringsraad inzake haar aanvraag op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo) en de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv).
De bezwaren zijn niet-ontvankelijk verklaard omdat zij te laat zijn ingediend, overschrijding van de zeswekentermijn zoals bepaald in artikel 6:7 Awb Pro. Appellante voerde teleurstelling en het opvragen van informatie als reden aan, maar kon niet aantonen dat zij buiten staat was tijdig bezwaar te maken.
De Raad oordeelt dat de termijnen fatale termijnen zijn en dat de niet-ontvankelijkverklaring terecht is uitgesproken. Er is geen sprake van een verschoonbare termijnoverschrijding zoals bedoeld in artikel 6:11 Awb Pro. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard wegens niet-ontvankelijkheid door overschrijding van de bezwaartermijn zonder verschoonbare reden.