ECLI:NL:CRVB:2011:BQ4871
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens ontbreken hoofdverblijf
Appellante ontving geruime tijd een bijstandsuitkering en stond ingeschreven op een adres in de gemeente Delft. Uit een fraudebestrijdingsonderzoek bleek dat zij haar hoofdverblijf niet in die gemeente had, maar op een camping elders. Het College beëindigde de bijstand met terugwerkende kracht en vorderde de onterecht ontvangen bedragen terug.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellante tegen deze besluiten ongegrond. Appellante voerde aan dat zij wel degelijk in de gemeente Delft woonde en dat zij onterecht werd behandeld in vergelijking met personen onder de zwerversregeling.
De Raad oordeelt dat de onderzoeksbevindingen, waaronder laag waterverbruik, verklaringen van getuigen en medische zorg elders, overtuigend aantonen dat appellante niet haar hoofdverblijf in de gemeente had. Haar verklaring dat zij slechts enkele dagen per maand in de gemeente verbleef, wordt bevestigd. De Raad wijst de bezwaren af en bevestigt de intrekking en terugvordering van de bijstand. Ook de afwijzing van haar latere aanvraag wordt bevestigd omdat geen wijziging in haar situatie is aangetoond.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering worden bevestigd wegens het ontbreken van het hoofdverblijf in de gemeente.