ECLI:NL:CRVB:2011:BQ8285
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag vreemdeling zonder verblijfsvergunning
Verzoeker, een meerderjarige vreemdeling van Chinese nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning en een bijstandsuitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). De gemeente Leiderdorp wees de aanvraag af omdat verzoeker geen rechtmatig verblijf had en niet kon worden gelijkgesteld aan een Nederlander volgens artikel 11 van Pro de WWB.
De rechtbank verklaarde het beroep van verzoeker ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak. De Raad oordeelde dat verzoeker geen verblijfsvergunning had en dat de koppelingswetgeving het onthouden van bijstand aan vreemdelingen onder bepaalde voorwaarden toelaat, zonder strijd met non-discriminatiebepalingen.
Verzoekers beroep op artikel 12 van Pro het Europees Sociaal Handvest faalde omdat deze bepaling geen directe werking heeft jegens individuen. Tevens bleek niet dat verzoeker had aangetoond dat hij alles had gedaan om terug te keren naar zijn land van herkomst. De voorlopige voorziening werd afgewezen en de proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag van de vreemdeling zonder geldige verblijfsvergunning wordt terecht afgewezen en het beroep wordt ongegrond verklaard.