ECLI:NL:CRVB:2011:BQ9017
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning als burger-oorlogsslachtoffer onder Wubo wegens ontbreken directe betrokkenheid en termijnoverschrijding
Appellant, geboren in 1941 in het voormalig Nederlands-Indië, verzocht om erkenning als burger-oorlogsslachtoffer op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo). Hij verwees naar gebeurtenissen tijdens de Bersiap-periode en later in Lahat.
De Pensioen- en Uitkeringsraad wees de aanvraag af omdat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij direct betrokken was bij oorlogsgeweld zoals vereist in artikel 2 van Pro de Wubo. De Raad overwoog dat appellant zich wel in de nabijheid van ongeregeldheden bevond, maar niet direct betrokken was, noch materiële schade of letsel had opgelopen.
Daarnaast werd vastgesteld dat het vluchten in Bandoeng niet onder levensbedreigende omstandigheden plaatsvond, maar uit voorzorg vanwege verschuivende demarcatielijnen. De gebeurtenissen in Lahat vonden plaats na de in de Wubo gestelde termijn (tot 27 december 1949) en vallen daarom buiten de reikwijdte van de wet.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het bestreden besluit en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wordt bevestigd.