ECLI:NL:CRVB:2011:BQ9781
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R.H.M. Roelofs
- L.J.A. Damen
- Rechtspraak.nl
Herziening en intrekking bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding niet terecht
De zaak betreft een hoger beroep van het College van burgemeester en wethouders van Nijmegen tegen een uitspraak van de rechtbank Arnhem over de herziening, intrekking en terugvordering van een bijstandsuitkering aan betrokkene. Betrokkene ontving bijstand als alleenstaande ouder, maar de gemeente herzag dit naar de gehuwdennorm wegens vermeende gezamenlijke huishouding met haar ex-partner [H.].
De rechtbank oordeelde dat onvoldoende bewijs was voor een gezamenlijke huishouding en vernietigde het besluit tot herziening en intrekking. De gemeente stelde in hoger beroep dat wel voldoende feiten en verklaringen waren, waaronder verklaringen onder ambtseed en kentekenregistraties, die een gezamenlijke huishouding aannemelijk maakten vanaf november 2005.
De Raad oordeelde dat voor de periode vóór 28 november 2005 geen gezamenlijke huishouding was vastgesteld, maar vanaf die datum wel. De terugvordering van bijstand moet worden beperkt tot de periode vanaf 28 november 2005 tot 30 november 2007. Het besluit van 16 juni 2008 en het nader besluit van 5 januari 2011 worden vernietigd, en de gemeente wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met een correcte terugvordering. Tevens veroordeelde de Raad de gemeente tot betaling van proceskosten aan betrokkene.
Uitkomst: Besluit tot herziening en intrekking bijstand vóór 28 november 2005 vernietigd; terugvordering beperkt tot periode vanaf 28 november 2005.