ECLI:NL:CRVB:2011:BQ9832
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.J. Goorden
- J. Riphagen
- A.A.H. Schifferstein
- Rechtspraak.nl
Beëindiging recht op ziekengeld wegens herstel arbeidsongeschiktheid metselaar
De zaak betreft het hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen tegen een uitspraak van de rechtbank Leeuwarden die het besluit tot beëindiging van het recht op ziekengeld had vernietigd. Betrokkene werd per 8 september 2008 niet meer ongeschikt geacht voor zijn arbeid als metselaar. De rechtbank had geoordeeld dat appellant onvoldoende onderzoek had gedaan naar de aard van de laatst verrichte werkzaamheden van betrokkene.
In hoger beroep stelt appellant dat de verklaring van betrokkene over zijn werkzaamheden voldoende was en dat de bezwaarverzekeringsarts op basis daarvan een juiste beoordeling heeft gemaakt. Betrokkene betoogt dat een arbeidskundig onderzoek had moeten plaatsvinden omdat hij zelf geen goede inschatting kon maken van de zwaarte van zijn werkzaamheden.
De Raad stelt vast dat de bezwaarverzekeringsarts na een gesprek met betrokkene over de laatst verrichte arbeid beschikte over voldoende gegevens en dat betrokkene geen concrete aanvullende informatie heeft gegeven die het oordeel van de arts zou weerleggen. Er is geen strijd met het zorgvuldigheids- of motiveringsbeginsel. De Raad vernietigt de eerdere uitspraak en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van het recht op ziekengeld blijft in stand.