ECLI:NL:CRVB:2011:BR0163
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen de intrekking van haar WAO-uitkering per 9 november 2008 vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. De rechtbank Amsterdam verklaarde haar beroep ongegrond, stellende dat het medische onderzoek en de beoordeling van de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts juist en volledig waren.
In hoger beroep voerde appellante aan dat zij meer beperkingen ondervindt dan het UWV heeft aangenomen en verzocht om benoeming van een deskundige of uitstel om zelf een deskundige te raadplegen. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het hoger beroep geen doel treft omdat de functionele mogelijkhedenlijst van 2 september 2008 een juist beeld geeft van haar lichamelijke en psychische beperkingen.
De verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts hebben de medische situatie van appellante zorgvuldig beoordeeld, waarbij ook informatie van i-psy en de huisarts is betrokken. De bezwaarverzekeringsarts concludeerde dat er geen sprake is van ernstige psychische stoornissen die beperkingen veroorzaken die het oordeel zouden moeten wijzigen. De Raad zag geen reden om het medische oordeel te wijzigen of een deskundige te benoemen.
De uitspraak bevestigt daarmee de eerdere beslissing tot intrekking van de WAO-uitkering en wijst het hoger beroep af. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid en wijst het hoger beroep af.